Perfectionisme is een persoonlijkheidstrek die zowel voor- als nadelen kan opleveren. Het helpt je om hard te werken, nauwkeurig te zijn en hoge standaarden te hanteren. Maar als die drang naar perfectie doorschiet, kan het ook behoorlijk in de weg zitten. In mijn praktijk zie ik regelmatig mensen die worstelen met perfectionisme en de stress die daarbij komt kijken. Hoewel het zeker voordelen heeft, kan perfectionisme ook leiden tot piekeren, faalangst, uitstelgedrag en zelfs burn-out.


De pluspunten van perfectionisme

  • Je zet je 100% in: perfectionisten hebben vaak een sterke werkethiek en leveren kwaliteit.
  • Je bent betrouwbaar: je doet wat je belooft en neemt verantwoordelijkheid.
  • Je hebt oog voor detail: kleine foutjes vallen je meteen op, wat in veel beroepen een pluspunt is.
  •  

      Maar diezelfde eigenschappen kunnen je ook tegenwerken...

    Wanneer perfectionisme een probleem wordt

    • Te hoge verwachtingen: van jezelf en van anderen. Hierdoor raak je sneller teleurgesteld.

    • Moeite met fouten maken: je piekert veel over wat beter had gekund en geniet minder van successen.

    • Uitstelgedrag: omdat iets ‘perfect’ moet zijn, stel je taken uit of besteedt er teveel tijd aan.

    • Chronische stress: de constante druk om te presteren kan je uitputten en zelfs leiden tot burn-out.


    Hoe kun je meer grip krijgen op je perfectionisme?

    1. Bewustwording: Onderzoek op welke momenten jouw perfectionisme het sterkste is. Vaak zitten hier patronen in. Hoe meer bewust je hiervan wordt, hoe makkelijker het is om op dat moment een andere keuze te maken.
    2. Wees specifiek: Maak je doelen en verwachtingen duidelijk en meetbaar. Bijvoorbeeld, in plaats van te zeggen "Ik wil beter worden in mijn werk," kun je zeggen: "Ik wil mijn communicatieve vaardigheden verbeteren door elke maand een presentatie te geven." Hierdoor kan je eerder successen herkennen in plaats van onbewust de lat steeds hoger leggen waardoor je je eigen vooruitgang niet opmerkt.
    3. Kies haalbare doelen: Zorg ervoor dat je doelen binnen je bereik liggen. Formuleer doelen die uitdagend zijn, maar niet onmogelijk om te bereiken. Dit helpt om onnodige druk te vermijden. Als je een groot doel hebt, verdeel het dan in kleinere, behapbare taken. Hierdoor kun je je voortgang gemakkelijker bijhouden.
    4. Leer van tegenslagen: Beschouw mislukkingen als leermomenten. Het is normaal om fouten te maken en ze bieden kansen om te groeien. Stel jezelf de vraag wat je kunt leren en hoe je het de volgende keer anders kunt aanpakken.
    5. Wees flexibel: Het leven zit vol verrassingen en soms moet je je doelen en verwachtingen aanpassen. Sta jezelf toe om je plannen aan te passen zonder hard voor jezelf te zijn.
    6. Vier je successen: Wanneer je je doelen bereikt of verwachtingen overtreft, vier dan je successen, hoe klein ze ook zijn. Dit helpt om positieve feedback aan jezelf te geven en motiveert je om door te gaan.
    7. Let op zwart/wit denken: Let op het gebruik van woorden zoals altijd, nooit, moet, en zou moeten. Deze woorden duiden erop dat je waarschijnlijk de lat te hoog legt voor jezelf. Reflecteer erop of je deze woorden vaak gebruikt en probeer te kijken of het goed is om wat ‘grijzer’ te denken.
    8. Betrek anderen en durf je kwetsbaar op te stellen: Praat met vrienden of familie over je ervaringen en gevoelens. Ze kunnen je steun en waardevolle inzichten bieden.
    9. Oefen zelfcompassie: Wees net zo vriendelijk voor jezelf als je zou zijn voor een vriend(in) in een vergelijkbare situatie. Behandel jezelf met begrip en vriendelijkheid, zelfs als dingen niet volgens plan verlopen.

    Perfectionisme hoeft geen probleem te zijn, zolang je het op een gezonde manier inzet. Merk je dat het je meer stress dan voldoening oplevert? Dan is het goed om te onderzoeken hoe je er anders mee om kunt gaan.